Preek Witte Donderdag 2 april 2026

4 april 2026

Verkondiging Witte Donderdag, 2 april 2026[1]

“In het bewustzijn dat de Vader Hem alles in handen had gegeven…legde Hij zijn bovenkleren af…”

Alles in handen gegeven.

De evangelist Johannes schouwt heel diep. Hij is een contemplatieve gelovige. Hij ziet meer dan er puur feitelijk te zien is. Hij beschrijft nauwkeurig wat Jezus gedaan heeft aan de maaltijd, de laatste van zijn aardse leven. Maar Hij ziet met de ogen van zijn geloof en van zijn hart méér. Jezus gaat knielend rond temidden van zijn twaalf leerlingen, wast hen de voeten, een werk normaal gesproken verricht door een knecht, ja door een slaaf. Maar Johannes ziet in Hem, de Heer, de Zoon van God die mens geworden is. Hij blijft Heer ook in de gestalte van een knecht. Zo ziet Johannes Hem, ook als Hij gekruisigd zal worden en tussen hemel en aarde hangt. Hij zal zeggen dat Hij verheven is op het kruis.

Terug naar deze laatste avond.

Dat voeten wassen was nodig. Men zat niet aan tafel maar men lag aan.
De stoffige, bezwete voeten moesten gewassen worden.
De tafelgenoten lieten dat normaal achteloos gebeuren. Daar had je personeel voor dat je geen blik waardig achtte.

Maar nu is alles anders.

De mens, aan Wie de Vader alles zijn handen had gegeven, de Heer wordt een knecht. Deze wereld omgekeerd. Jezus luidt een nieuwe gemeenschap in, een nieuwe manier van leven.

Wat Hij deed, waarvoor Hij leefde, was zeer ongewoon.

Wij kijken alvast even vooruit.

Wat volgde na Jezus’ dood en verrijzenis was een volstrekt nieuwe gemeenschap, een nieuw verbond, een nieuwe band tussen de mensen.

De vroege kerkgemeenschap was voor velen aantrekkelijk: voor rijken maar zeker ook voor arme mensen, zieke mensen, gehandicapte mensen.

In de tijd van Jezus en nog lang daarna, in de oudheid dus, was het heel gebruikelijk om alleen maar oog te hebben voor het geslaagde, gezonde leven. Kinderen die gehandicapt geboren werden, of soms zelfs meisjes (in die door mannen gedomineerde cultuur) werden niet zelden na de geboorte niet verzorgd en stierven kort daarna. Men vond dit gewoon. Een kind had in die tijd pas recht op leven als de vader bereid was het te erkennen. Ook het ongeboren leven werd door de christenen gezien als van unieke waarde, beeld en gelijkenis van God. Géén menselijk leven mocht worden afgewezen.

Dat ging dan wel direct gepaard met de zorg door de christenen voor armen, gehandicapten, ongewenste kinderen. De vroege kerk wees niet alleen het doden van gehandicapten af, of van niet gewenste meisjes en van het ongeboren leven. Dat zou wat de gemakkelijk zijn. De vroege kerk zette tegelijk een heel stelsel van armen- en ziekenzorg en kinderverzorging en adoptie van ongewenste kinderen op. Dat alles was volstrekt nieuw en uniek.

Zo ontstond de caritas, de diaconie, die daarvoor totaal ontbrak.
Vandaag is ook de dag van de caritas. Wij zamelen voedsel in voor mensen in de knel.

De christenen vormden een kleine minderheid, maar zij waren van grote betekenis, zij brachten iets volstrekt nieuws: humaniteit, diepe eerbied voor iedere vorm van leven, voorbij aan het denken in rangen en standen.

We zien dat wij deze diep christelijke humaniteit en cultuur in onze tijd weer dreigen te verliezen en terug te vallen in voor-christelijk gedrag, in het vergroten van de kloof tussen arm en rijk, tussen sterk-gezond enerzijds en anderzijds kwetsbaar en ziek.

Kwetsbare mensen worden geweerd uit onze rijke, westerse landen, we gaan voor onszelf, onze welvaart, onze westerse verworvenheden.

Die nieuwe manier van leven doet Jezus ons vanavond voor, stelt Hij in, door zich als Heer, aan wie de Vader alles in handen heeft gegeven, te gedragen als dienaar, als knecht, die zorgvuldig de voeten wast van zijn leerlingen. Een nederig, teder gebaar.

Hij wast het stof en zweet van de oude manier van leven van hen af. Hij maakt hun, Hij maakt ons leven rein.
Daarna trekt Hij weer zijn bovenklederen aan en vraagt zijn leerlingen of zij begrepen hebben wat Hij hen gedaan heeft.
Die vraag stelt Hij vanavond ook aan ons.
Begrijpen wij wat Jezus heeft gedaan: als een knecht de voeten wassen van zijn leerlingen; zijn lichaam en zijn bloed aan ons gegeven?

Zo zal Jezus, in de kracht van de heilige Geest, leven onder ons:
door onze grote liefde en eerbied voor elk leven, voor onze liefdevolle zorg vooral voor de zwakken en kwetsbaren en in het heilig sacrament van zijn Lichaam en Bloed waarmee Hij ons voedt, opdat wij worden wat wij eten en drinken: het Lichaam van Christus. Amen.

 

pastoor Nico van der Peet

 

 

[1] Exodus 12, 1-8. 11-14; 1 Korintiërs 11, 23-26; Johannes 13, 1-15

Andere berichten

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Vul onderstaand formulier in en we sturen jou de maandelijkse nieuwsbrief per mail toe!