Overweging bij 4e zondag van Pasen – Herdenken

01 mei Overweging bij 4e zondag van Pasen – Herdenken

Zijn naam is Rob. Hij zocht vorig jaar contact vanwege het monument voor de joodse kinderen in Laren. Hij vertelde: “Mijn vader woonde vóór en ná de oorlog in de Berg-Stichting. Hij behoorde tot de oudsten, hij was 16 toen er reëel gevaar dreigde dat de instelling door de bezetter ontruimd zou worden. Directeur Reitsema nam de beslissing de kinderen in kleine groepjes naar Amsterdam te brengen naar een voorlopig veilige plek.

Mijn vader wachtte het niet af. Hij had een vriendje in Laren die hij eerst bezocht om hem het kostbaarste toe te vertrouwen dat hij had: zijn joodse bijbel, de Tenach. Hij zei tegen zijn vriend: “Eens kom ik het terughalen”.

Het ongeluk wilde dat hij, in Amsterdam aangekomen, werd gesnapt en via Westerbork afgevoerd naar een kamp in Polen.

Aan het einde van de oorlog werd hij daar gevonden door een Amerikaanse arts die hem, ernstig verzwakt, zowel ziek als gewond, heeft gered.

Teruggekeerd in Amsterdam en ingetrokken bij een ver familielid, werd hij opnieuw opgepakt. Hij moest zijn dienstplicht nog vervullen. En voordat hij het besefte werd hij verscheept naar Indië om deel te nemen aan de militaire acties daar.

Het heeft dus jaren geduurd voordat hij bij zijn vriend in Laren de joodse bijbel kon ophalen”.

 

Een maand na onze ontmoeting bracht ik Rob en zijn vrouw een bezoek in hun huis achter de duinen. Als geschenk had ik meegenomen de Hagadah, een boek waarin de volgorde wordt beschreven van het joodse paasmaal, de vertellingen, de gezongen gebeden, de rituelen. Een boek uitgegeven in het Hebreeuws en het Nederlands. In de jaren ’30 door de synagoge in Amsterdam. Ooit voor mij een studieboek om te begrijpen wat Jezus met zijn leerlingen vierde op Witte Donderdag.

Het geschenk ontroerde Rob. Hij stond op en haalde de joodse bijbel van zijn vader. Het boek viel bijna uit elkaar. Als symbool voor alles wat was voorgevallen.

Dit jaar zal de herdenking uiterst bescheiden zijn, bij het monument voor de kinderen en hun begeleiders. Bloemen, de namen, het gebed voor de doden door een vertegenwoordiger van de synagoge, een zelfgemaakt gedicht door een leerling van de school Laar en Berg.

In ons hart voltrekken wij dit mee. Wij zullen hen blijven gedenken, zowel in de avond, als in de morgen.

 

pastoor Vriend